DNB-inflatie 2,7% onder eurozone|ECB-rente raakt Nederland te hard?

· AEX

AEX op nieuw record, maar DNB verlaagt groeiprognose

De AEX sloot vrijdag op 1081,18 punten, een nieuw slotrecord en een stijging van 1,7 procent op één dag. Tegelijkertijd publiceerde De Nederlandsche Bank zijn Voorjaarsraming met een groeiverwachting van 0,8 procent voor 2026 — ruim onder de 1,2 procent die in december nog werd voorzien. Beide signalen verschenen op dezelfde dag, en ze wijzen in tegengestelde richtingen. De beursstijging was breed gedragen: ArcelorMittal won 4,4 procent, ING steeg 3,2 procent, Adyen sloot 5,5 procent hoger na de aangekondigde overname van het Amerikaanse factureringsplatform Orb voor 335 miljoen dollar. Hoop op een VS-Iran vredesakkoord dreef de olieprijzen 5 procent lager, waardoor Air France-KLM 8,4 procent won terwijl Shell juist 3 procent verloor. Shell schorste tegelijkertijd zijn aandeleninkoop van 3 miljard dollar tot 14 juli, vanwege een wettelijke vereiste rond de overname van de Canadese producent ARC Resources. Kapitaal stroomde vrijdag breed in de richting van herstel — olieprijs lager, beurzen hoger, vredeshoop reëel. Maar achter die dag staat een DNB-raming die beschrijft wat er structureel aan de hand is, en dat beeld is minder eenvoudig dan het slotkoers suggereert.

Nederland heeft minder inflatie dan Europa — maar betaalt toch de Europese rentepremie

De kern van de DNB-raming zit niet in het groeicijfer van 0,8 procent. Het zit in het inflatiecijfer van 2,7 procent. De Europese Centrale Bank verhoogde donderdag de beleidsrente naar 2,25 procent, met als motivatie dat de inflatie in de eurozone te hoog blijft — ECB-prognose voor de gehele eurozone: 3 procent. Nederland zit 0,3 procentpunt lager. Dat is geen toeval. DNB-econoom Bas ter Weel legde het mechanisme uit: na de Russische invasie van 2022 heeft Nederland het gebruik van aardgas en olie systematisch verminderd. De elektriciteitsprijs in Nederland daalt juist, dankzij investeringen in duurzame energie. Dezelfde Midden-Oosten-oorlog die elders de energieprijzen opdrijft, raakt de Nederlandse consument via die weg minder hard. Tegelijkertijd remt die oorlog de mondiale handel — en Nederland is, meer dan de meeste eurolanden, afhankelijk van uitvoer. Dat remt de bedrijvigheid, maar het drukt via importprijzen ook de inflatie. De Nederlandse inflatie is lager omdat de economie gevoeliger is voor handelsvertraging dan voor energieprijzen — de twee schokken werken hier in tegengestelde richtingen. Toch betaalt Nederland voluit mee aan de ECB-rente die is vastgesteld op basis van de hogere eurozone-inflatiecijfers. Nederlandse hypotheekhouders met variabele rente, Nederlandse bedrijven die kort financieren, en de staat die schuld herfinanciert — zij allemaal voelen een rente die is afgestemd op een inflatieniveau dat in Nederland niet bestaat. De unstated premise die hier werkt: de ECB behandelt de eurozone als één homogeen inflatiegebied, terwijl de inflatiemechanismen per land fundamenteel verschillen. Dat die aanname niet klopt, is vandaag in de DNB-raming zwart op wit gezet — maar de rente past zich daar niet op aan.

Twee scenario's voor de tweede helft van 2026

De vraag die de DNB-raming openlaat: houdt de bescherming van de energietransitie stand als de geopolitieke spanning aanhoudt? DNB presenteerde drie scenario's naast de basisraming. In het mildste pad, waarbij de olieprijs verder daalt na een eventueel VS-Iran akkoord, kan de Nederlandse inflatie tot 2,6 procent zakken en de groei enigszins herstellen. In het zwaarste pad, waarbij de Straat van Hormuz gesloten blijft en de energieprijzen pieken, loopt de inflatie op naar bijna 3 procent in 2027 en krimpt de export verder. Het vredesakkoord dat Trump vrijdag aankondigde, en dat dit weekend getekend zou kunnen worden, is daarmee rechtstreeks het verificatiepunt dat de DNB-scenario's scheidt. Als olieprijzen dalen, bevestigt dat de basisraming. Als dat akkoord afspringt, schuift Nederland richting het ongunstige pad. Intussen staat de volgende ECB-vergadering in de agenda, en de vraag is of Frankfurt bereid is de nationale inflatiedivergenties mee te wegen in het rentebesluit. Het renteverlagingsdebat in de eurozone wordt doorgaans gevoerd vanuit Duits en Frans perspectief. Als de Nederlandse inflatie onder 2,7 procent blijft terwijl de eurozone op 3 procent zit, groeit de druk op de ECB om te differentiëren — maar dat instrument heeft de ECB formeel niet. De AEX kan vrijdag op 1081 punten staan terwijl de groeiverwachting op 0,8 procent staat. Dat is een markt die inprijst dat de ECB-rente gaat dalen. De vraag is of die daling er komt snel genoeg, en of de Nederlandse energiebuffer lang genoeg standhoud om dat scenario te rechtvaardigen. Wat het leaning zou doorbreken: als de inflatie in de komende DNB-herziening van december alsnog oploopt richting de eurozone-norm van 3 procent — doordat de energietransitie minder snel gaat dan geraamd of de handelsgevoeligheid omslaat in importinflatie — dan verdwijnt het onderscheid dat Nederland vandaag beschermt.

Link copied